August Veendrick en Hendrika Welling

Let op: opent in een nieuw venster | Afdrukken |

August Veendrick is het zesde kind en derde zoon van Johann Veendrick en Hendrika Voermans. Vier maanden na zijn geboorte overlijdt zijn moeder. Twee jaar later hertrouwt zijn vader met Wilhelmina Tangelder en krijgt hij nog een zus en twee broertjes.

August is in Anholt (Dld) geboren en opgegroeid. Op de stamboerderij op de Hannefeld 24 in Anholt.

Waarschijnlijk via zijn tweede moeder Wilhelmina Tangelder, krijgt hij kennis aan Hendrika Antonia Welling. Zij is de dochter van de jongste zus van zijn tweede moeder, Elisabeth Tangelder.

Hij trouwt op 24 november 1903 met Hendrika Antonia Welling, dochter van Lambertus Welling (bakker) en Elisabeth Tangelder (winkelierster). Zij werd in 1879 geboren in Doetinchem. Ten tijde van het huwelijk is Lambertus Welling al geruime tijd dood. Hij overlijdt als Hendrika 10 jaar oud is. Elisabeth blijft op dat moment met drie kinderen in de leeftijd 10-12 jaar achter. De oudste dochter overlijdt in 1898, waarna Hendrika alleen nog een broer heeft. De weduwe L. Welling (Elisabeth dus) heeft een herberg/café Welling in het dorp Gaanderen de kerk. We zien in de kranten dat veilingen van hout en woningen in de regio in dit etablisement plaatsvinden. Elisabeth zorgt op deze manier voor haar kinderen. Ze stopt in 1910 met het café (we zien in de krant advertenties van Café Theunissen voorheen Welling), waarna ze in 1911 op 61 jarige leeftijd overlijdt.

August en Hendrika kunnen niet op de boerderij van zijn ouders blijven wonen. De oudste zus van beider "moeders" woont als weduwe en kinderloos op "de Elshof" in Gaanderen. August en Hendrika trekken in bij Johanna Tangelder. Ze trouwen er in 1903. Behalve Johanna woont ook haar zwager Engelbert ten Holder bij deze boerderij in. Beiden zijn al 60. August en Hendrika draaien de boerderij , waar ook de vier oudste kinderen worden geboren. Daarmee blijft de boerderij de Elshof waarop Johanna Tangelder en haar man geen kinderen kregen, binnen de familie.

Johanna Tangelder overlijdt in 1909 op de Elshof. Haar man is in 11 maart 1893 overleden gemeld. Op 21 februari 1992 is vermeld dat hij vermist is.  Hij raakt vermist tussen Etten en Gaanderen. De familie looft 25 gulden uit voor wie hem kan vinden. De laatste plaats waar hij is gezien is bij de rivier de IJssel. Op 12 maart 1893 doet de krant melding van een gevonden manspersoon in verre staat van ontbinding verkerend, die Gerrit Jan ten Holder blijkt te zijn. Hij wordt gevonden in de Oude IJssel tussen Terborg en Doetinchem. Daarna wordt hij ook doodverklaard.

In december 1910 besluit de gemeenteraad om de boerderij de Elshof te kopen om er een wijk voor de werknemers van de Vulcaan fabriek te bouwen. De boerderij wordt daarbij in 4 woningen verdeeld en eromheen worden vele woningen gebouwd. De gemeente betaald 12.500 gulden voor de boerderij en het land.

August koopt daarop de Ravenhorst in Rietmolen. Deze boerderij wordt fors verbouwd. De aanbesteding vindt plaats in Café Kuppers in Rietmolen.

Oom Engelbert ten Holder verhuist met ze mee naar Rietmolen. In 1916 overlijdt hij 64 jaar oud.

 

Kinderen August Veendrick omstreeks 1928

In het gezin van August en Hendrika zijn 12 kinderen geboren, waarvan er vier al als kind zijn overleden. (3 als jong baby en een elfjarige dochter Antonia Wilhelmina) De eerste vijf worden in Wisch geboren en verhuizen mee naar de Ravenhorst in Rietmolen.

 

 

Rechts: Kinderen August Veendrick omstreeks 1928, vermoedelijk kort na het overlijden van Antonia en terwijl de zussen bij de zusters zijn ingetreden
staand: Riek (dochter van Laurens), August jr.
midden: Wilhelmien
rechts: Dinie
zittend: Johan en Marie

 

Over August weten we dat hij in 1919 met andere boeren samen een Boerenleenbank in Rietmolen oprichtte. Tot 1933 zat hij ook in het bestuur van deze bank. Hij heeft bijgedragen aan het oprichten van plaatselijke boerenbond, waarin hij ook een bestuursfunctie vervulde. Daarnaast was hij bestuurslid van de Cooperatieve Zuivelfabriek in Eibergen.

Drie dochters traden in bij de Zusters van Julie Postel in Boxmeer. Voor hun intreden heetten zij Rika, Bertha en Annie. In het klooster waren hun namen Zr. Tecla, Zr. Augusta en Zr. Marie Gonzega. Voor meer informatie over de zusters van Julie Postel of het zusterhuis klik hier:

Drie dochters trouwden:
Marie trouwde in 1931 met Hendrik Herman ter Woorst in Rietmolen. Zij vestigden zich in een boerderij aan de Flipsweg in Rietmolen alwaar zij tevens een meelmaalderij hadden. Zij kregen 7 kinderen. Hendrik overleed in 1975 en Marie in 1988.
Dinie trouwde met Jan Klein Severt in Beltrum. Zij stierf in 1955.
Wilhelmien trouwde met Hendrik Willemsen. Zij woonden te Zelhem. Hendrik en Willemien bleven kinderloos en zijn inmiddels beiden overleden..

August Veendrick
Van links naar rechts zien we hier zuster Tecla, zuster Augusta en zuster Marie Gonzega.

Zusters die de familie tussen eind jaren 20 en midden jaren 50 niet hebben gezien.

Van de twee zoons Johan en August jr. moet August in de Tweede Wereldoorlog dienst nemen in het Duitse leger. Dit was een gevolg van het feit, dat deze Veendricks verzuimd hadden de Nederlandse nationaliteit aan te vragen. August sr., (net als zijn broer Laurens Rijksduitser) had er om een of andere reden nooit moeite voor gedaan. August jr. is helaas niet meer uit de oorlog teruggekeerd. Na de oorlog is taal noch teken van hem vernomen.

De moeder van het gezin, Hendrika Antonia Welling, komt in 1943 te overlijden, tijdens de tweede wereldoorlog op 63-jarige leeftijd.Vanwege hun Duitse nationaliteit werden August sr. en zoon Johan na de bevrijding in april 1945 gearresteerd en gevangen gezet. Tevens werd hun boerderij en vermogen verbeurd verklaard, krachtens het overheidsbesluit: "Vijandelijk Vermogen". De bezittingen vervielen aan de Nederlandse Staat.

Hoewel de familie Veendrick na een korte gevangenschap op de boerderij kon blijven wonen en werken, werden zij door een bedrijfsvoogd begeleid.

August Veendrick sr. overleed in 1948 in Beltrum. Bij zijn dochter en schoonzoon Klein Severt.

Zoon Johan trouwde in 1946 met Mina Huiting uit Beltrum. Pas ver in de vijftiger jaren kocht Johan de in 1945 verbeurd verklaarde boerderij terug van het Nederlands Beheersinstituut en bleef daarna eigenaar tot aan de verkoop in 1967. Hij verkocht de boerderij aan de gemeente Neede, die er de wijk "de Ravenhorst" bouwde. Eerst vestigden zij zich in een bungalow in Rietmolen. Later woonden zij in een verzorgingsflat in Haaksbergen.
Johan en Mina zijn kinderloos in Haaksbergen overleden.